|
Situering De dreiging van een epidemie van vogelgriep is reëel en het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) heeft met het oog op het voorkomen ervan, al diverse maatregelen genomen, onder meer wat het opruimen van dode vogels betreft. Tal van politie- en hulpdiensten hebben echter nog vragen over de manier waarop ze zichzelf moeten beschermen voor het geval ze geroepen worden om taken in dat raam uit te voeren. Deze informatienota beoogt duidelijkheid te scheppen over de beschermingsmaatregelen die hulp- en politiediensten moeten hanteren in het kader van de vogelgriep. Dit document werd opgesteld op basis van wetenschappelijk gevalideerde informatie en is een actualisering van de procedures die naar aanleiding van de vogelgriep in 2003 werden opgesteld (referenties: Interministerieel Commissariaat Influenza en Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen). Vogelgriep is een dierlijke ziekte die vooral gevaarlijk is voor vogels en meer bepaald voor grotere vogels zoals eenden, ganzen, zwanen, ... Mensen raakten enkel besmet met het vogelgriepvirus na nauw contact met besmet gevogelte. Een geval uitbraak van vogelgriep in ons land is in hoofdzaak een veterinair probleem. De vondst van een dode vogel betekent echter niet noodzakelijk dat de vogelgriep ons land heeft bereikt. Net zoals alle andere levende wezens, sterven de meeste vogels een natuurlijke dood.
Verschijnselen en verloop van de ziekte Aviaire influenza of vogelpest is een zeer besmettelijke virusziekte waar waarschijnlijk alle vogelsoorten gevoelig voor zijn. De ziekte is in ieder geval reeds vastgesteld bij verschillende pluimveesoorten (eenden, ganzen, kippen, kalkoenen, fazanten, parelhoenders, kwartels en patrijzen). Sommige van deze soorten vertonen duidelijke symptomen (kalkoenen), bij andere is een besmetting nauwelijks te herkennen (eenden en andere watervogels). De aard van de symptomen en het verloop van de ziekte hangen af van de pathogeniteit van de virusstam, de leeftijd van het getroffen dier, de omgeving en eventuele andere infecties. Voor aviaire influenza wordt een risicoperiode van 30 dagen aangehouden. De risicoperiode is de periode tussen het aankomen van het virus en het verschijnen van de symptomen. Besmetting van pluimvee kan plaatsvinden via direct contact met zieke dieren, of door blootstelling aan besmet materiaal, zoals mest of vuile kratten. Ook via de lucht is indirecte besmetting mogelijk, zij het alleen over relatief korte afstand. Wilde watervogels zijn vaak virusdragers, zonder dat zij zichtbaar ziek zijn. Risico voor de mens Aviaire influenza en griep bij de mens worden allebei veroorzaakt door virussen van dezelfde familie. Van sommige aviaire influenza virusstammen is bekend dat ze kunnen overslaan op de mens waar ze een griep (soms dodelijk) of oogontsteking kunnen veroorzaken. De besmetting gaat via de ademhalingswegen, na intensief contact met besmette dieren. Langs orale weg (eten van besmet vlees of besmette eieren) is er, voor zover bekend, geen gevaar voor besmetting.
Er bestaat grote ongerustheid over de mogelijkheid van combinatie van het aviaire influenza virus met het menselijke influenza virus. Het nieuwe virus dat zo zou kunnen ontstaan, kan overgedragen worden van mens op mens waardoor het zich zeer snel kan verspreiden. Bovendien kan een dergelijk virus vele slachtoffers maken omdat de mens nog geen immuniteit heeft opgebouwd. Zo bestaat het gevaar van een pandemie (wereldwijde epidemie). Er is echter weinig risico op een besmetting van de mens verbonden aan het voorzichtig manipuleren van een kadaver van een dode vogel. Het betreft hier immers geen staalneming, noch een autopsie. Het virus is weinig terug te vinden aan de buitenkant van het kadaver en is weinig resistent tegen de omgevingsinvloeden. a. Hoe besmetting met het vogelgriepvirus vermijden?
Mensen die intensief in contact komen met het virus, bijvoorbeeld bij het opruimen van besmette bedrijven of bij preventieve opruimingen, moeten zich beschermen door het dragen van beschermkledij (overall, rubberlaarzen, handschoenen, mondmasker, bril), door het respecteren van een goede hygiëne (handen wassen, douchen na contact met (potentieel) besmet pluimvee) en door medische voorzorgen (vaccinatie en inname van een antiviraal middel). Het gangbare griepvaccin beschermt tegen de menselijke griep en voorkomt dat het virus van de menselijke griep combineert met het virus dat aviaire influenza veroorzaakt. Griepvaccinatie beschermt niet tegen de vogelgriep zelf. Aan personen die symptomen ontwikkelen die het gevolg kunnen zijn van aviaire influenza (hoofdpijn, griepachtige toestanden) wordt gevraagd een huisarts te raadplegen. b. Beschermingsmaatregelen voor politie- en hulpdiensten
De te nemen voorzorgsmaatregelen bij de manipulatie van een verdacht kadaver zijn verschillend naargelang de manier waarop de politie- en hulpdiensten in contact kunnen komen met het virus. Aanvullend kunnen we informatief verwijzen naar een verslag uit 2003 betreffende de inzet van brandweer- en politiepersoneel bij de bestrijding van de vogelpest. 1) Bij indirect contact Hulp- en politiediensten die niet direct met de kadavers in contact komen, maar wel een taak hebben in de ruimere interventie (vb. instellen en handhaven van een perimeter) worden nauwelijks blootgesteld aan een besmettingsrisico. In dat geval bieden de gewone hygiënische voorschriften (vnl. handen wassen) een afdoende bescherming. 2) Bij sporadisch direct contact In dat geval dienen de klassieke voorzorgsmaatregelen i.v.m. de hygiëne door de politie- en hulpdiensten te worden gerespecteerd: · Handschoenen dragen (latex handschoenen of werkhandschoenen) bij het behandelen van kadavers; · Een eenvoudig mondmasker en eventueel een bril om de ogen te beschermen worden aanbevolen; · Het kadaver in een stevige, waterdichte zak plaatsen; zorg ervoor dat de buitenkant niet bevuild / besmet wordt; · De zak goed afsluiten en in een tweede zak plaatsen; · Handschoenen uitdoen door ze binnenstebuiten te draaien; plaats ze in de tweede zak en sluit goed af; · De buitenkant van de tweede zak met zeep of ontsmettingsmiddel behandelen en niet meer openen; · Na het uitvoeren van de handelingen: handen, nagels en onderarmen wassen met zeep en water, daarna nogmaals met ontsmettingsmiddel; · Het is aangeraden om van kledij te veranderen alvorens met een andere activiteit te starten (bijvoorbeeld een wegwerpoverall dragen); · Laarzen of schoeisel goed reinigen en ontsmetten; · Om besmetting van het voertuig te vermijden, is het aangeraden om de zak op een plastiekfolie of in een geschikte doos te plaatsen. 3) Bij veelvuldig direct contact
Dat probleem zal zich enkel stellen in geval tot opruimingen moet worden overgegaan en ingeval perimeters rond bedrijven worden ingesteld. De al dan niet preventieve opruiming van gevogelte, wordt in principe uitgevoerd door personeel van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen of door personeel van door het FAVV aangeduide bedrijven. Indien, om welke reden ook, bij de opruiming een specifieke interventie van de politie- en hulpdiensten nodig is, dan gelden voor die diensten dezelfde beschermingsmaatregelen als voor het personeel van het FAVV. - Vaccinatie
Het FAVV stelt de vaccinatie tegen de seizoensgriep als een vereiste voor iedereen die tijdens de bestrijding in contact kan komen met besmette vogels. Het griepvaccin biedt gedurende ongeveer een half jaar bescherming. De bedoeling van de vaccinatie is het vermijden van een recombinatie van het virus, dus de aanpassing van het vogelgriepvirus aan een voor de mens aangepast virus verhinderen. Desgevallend zullen de medische diensten van de FOD Volksgezondheid een vaccin ter beschikking stellen van de hulp- en politiediensten waarvoor het in het kader van de uitoefening van hun taken vereist is. - Inname virusremmer De inname van een virusremmend middel op basis van de stoffen oseltamivir (Tamiflu®) of zanamivir (Relenza®) is een minimale vereiste voor iedereen die tijdens de bestrijding in contact kan komen of gekomen is met besmette vogels. Daarbij dient de betrokkene dagelijks 1 dosis Tamiflu of Relenza in te nemen voor de duur van de hele periode van werkzaamheden, met nog een nabehandeling van 5 extra dagen nadat de werkzaamheden beëindigd zijn. Desgevallend zal het virusremmend middel ter beschikking gesteld worden door de medische diensten van de FOD Volksgezondheid aan het personeel van de hulp- en politiediensten die in contact kwamen met besmette vogels. - Beschermkledij en hygiënemaatregelen Beschermkledij en hygiënemaatregelen moeten er voor zorgen dat de hoeveelheid virus waarmee een risicopersoon in contact komt zo klein mogelijk wordt gehouden. De maatregelen omvatten: · Het gebruik van gepaste kledij tijdens de werkzaamheden met pluimvee, nl.: o wegwerpoverall of afwasbare overall; o (lange) wegwerphandschoenen; o neus- en mondmasker (met P2 of P3-filter); o beschermbril; o wegwerpschoeisel of desinfecteerbaar schoeisel. · Na afloop van de werkzaamheden met besmet pluimvee of materieel moeten de handen veelvuldig met water en zeep gewassen worden. · Aan het einde van de werkdag of bij elke andere wisseling van werkkledij moet de nodige aandacht worden besteed aan het veilig uittrekken van besmette kledij wat moet gebeuren in een hygiënesas. De beschermmaskers worden daarbij opgehouden totdat de overalls en handschoenen veilig weggeborgen zijn in de daartoe bestemde bakken, containers of zakken. - Toegang tot pluimveebedrijven · De toegang tot alle plaatsen waar pluimvee of vogels worden gehouden, is verboden voor elk voertuig, elke persoon en alle materiaal die in de 4 dagen voordien in een risicogebied (d.i. een gebied waar een uitbraak van aviaire influenza is vastgesteld) in contact zijn geweest met vogels, pluimvee of eieren van pluimvee of op een plaats zijn geweest waar pluimvee of vogels worden gehouden. · Alle vervoermiddelen en materiaal die hebben gediend voor het vervoer van pluimvee en broedeieren, moeten na elk transport worden gereinigd en ontsmet met een door het FAVV toegelaten ontsmettingsmiddel. · De toegang tot een pluimveestal of een broeierij is verboden aan personen die niet tot het bedrijf behoren. Dit verbod geldt niet voor het personeel nodig voor de verzorging van de dieren, de bedrijfsdierenarts, het personeel van het FAVV en de personen die in opdracht van deze werken, alsook het personeel van andere overheidsdiensten. · Al deze personen moeten overkledij en laarzen eigen aan het bedrijf dragen bij het betreden van de stallen of de broeierij. Zij moeten alle mogelijke voorzorgen nemen om de verspreiding van het virus te voorkomen. c. Opruiming van kadavers
Er is aan de criteria van opruiming voldaan: Sterfte bij in het wild levende vogels wordt enkel als verdacht beschouwd indien gelijktijdig aan 2 voorwaarden wordt voldaan: · Het betreft ten minste het volgende aantal dode dieren en behorende tot de soorten in de lijst als bijlage: o 1 zwaan (uitgezonderd knobbelzwanen) o 20 meeuwen, zeemeeuwen en spreeuwen o 5 dieren van een andere soort (bijvoorbeeld eenden) · De dode vogels: o zijn gevonden op dezelfde plaats, o zijn gevonden op hetzelfde tijdstip, o maken deel uit van dezelfde soort of familie. Verdachte gevallen kunnen gemeld worden via het call center op het nummer 0800 99 777. De Provinciale Controle Eenheid (PCE) van het FAVV zal vervolgens de kadavers ophalen. Buiten de openingsuren van het call center kunnen overheidsdiensten terecht op de permanentie (24u/24) van het Coördinatie- en Crisiscentrum van de Regering (tel. 02/506 47 11), die vervolgens contact opneemt met de PCE in kwestie. Niet aan criteria voldaan Als dode vogels worden aangetroffen minder dan het aantal dat hierboven wordt opgegeven, wordt de bevolking aangeraden contact op te nemen met de politiediensten of de opruimingsdienst van de gemeente. De organisatie om de dode dieren te laten opruimen is verschillend per gemeente. De bevoegde dienst organiseert vervolgens ook de ophaling van de kadavers door een destructiebedrijf. Bijkomende informatie Deze informatie m.b.t. beschermingsmaatregelen voor hulp- en politiediensten zal geactualiseerd worden zodra dat vereist is. De tekst is ook terug te vinden op de website http://crisis.ibz.be. Voor het “handboek aviaire influenza” en actuele informatie over de situatie kan u terecht respectievelijk op de website van het FAVV (www.favv.be) en van het Interministerieel Commissariaat Influenza (www.influenza.be). |