|
zondag 13 maart 2005 |
Het hulpcentrum 100 is het kloppend hart inzake de organisatie van de dringende geneeskundige hulpverlening. Elke noodoproep via het alarmnummer 100 of 112 komt terecht op één van de provinciale meldkamers en NIET zoals vaak wordt gedacht in de plaatselijke brandweerkazerne of het plaatselijke ziekenhuis. Ook voor dringende brandweeroproepen kan U terecht op het noodnummer 100 of 112.
In de 100-centrale wordt er bepaald welke ambulance zich naar de plaats van het onheil zal begeven. Dit zal altijd de dichtstbijgelegen, beschikbare wagen zijn. Let wel, enkel diensten die een overeenkomst hebben met het Ministerie van Volksgezondheid voor de dienst 100 komen in aanmerking. Op deze manier is er een bepaalde kwaliteitscontrole op het systeem. Om een overeenkomst te krijgen moet de wagen en het personeel aan bepaalde eisen voldoen. Jaarlijks worden deze wagens gecontroleerd voor de federale gezondheidsinspecteur of zijn aangestelde.
 Eerste HC 900 in Antwerpen - 1959
Goed om te weten:
Het oproepen van het nummer 100 of 112 is ALTIJD gratis, ongeacht of je een vaste telefoonlijn gebruikt of een GSM.
Voor de verbinding tot stand komt is er een korte tijd niets te horen vooraleer de lijn overgaat. Leg niet in, dit is normaal !
Wat als het noodnummer 100 overbezet is? In geval van wateroverlast, overstromingen, storm, brand en andere meldingen waarvoor de tussenkomst van de brandweer of een ziekenwagen vereist is, kan het gebeuren dat het nummer 100 overbezet is. Dit is best mogelijk omdat meerdere personen (bv. buren of voorbijgangers) tegelijkertijd bellen voor hetzelfde incident. Wanneer je de overbezettoon hoort, haak in en probeer opnieuw. Het personeel van het HC 100 doet zijn uiterste best om U zo snel mogelijk te helpen.
Het noodnummer 100 is GEEN infolijn! Voor algemene vragen over de brandweer of over brandpreventie bel je niet naar het noodnummer. Hiervoor dien je rechtstreeks contact op te nemen met de plaatselijke diensten. (informatie op de gemeentelijke website of in de telefoongids)
Het personeel mag geen informatie over interventieadressen of namen van slachtoffers doorgeven aan particulieren. Het heeft dus geen zin om via het nummer 100 te informeren of persoon X of Y met de ziekenwagen vervoerd werd en naar welk ziekenhuis.
Alle gesprekken (zowel inkomende als uitgaande telefoongesprekken evenals de radiocommunicatie met de ambulances onderweg naar een interventie) die gevoerd worden door de centralisten van de 100-centrales worden digitaal opgenomen. Dit maakt bij onduidelijkheden over een adres de herbeluistering mogelijk.
Oproepen voor wespennesten doe je best rechtstreeks met de brandweerdienst die bevoegd is voor jou woonplaats. Er moet met de plaatselijke diensten een afspraak gemaakt worden wanneer zij kunnen langskomen. Het personeel van de 100-centrale kan deze afspraken niet maken!
Enkele cijfers:
Jaarlijks in België ongeveer een half miljoen noodoproepen naar het nummer 100 of 112.
Momenteel zijn er 11 centrales in België. Eén per provincie (in de provinciehoofdplaats). Met uitzondering van Waals-Brabant, deze centrale is nog niet operationeel.
Ongeveer 1 op 6 ritten in het kader van de Dringende Geneeskundige Hulpverlening is een oproep waarbij een MUG-team assistentie komt geven aan de ziekenwagenbemanning.
Ongeveer 1% van de oproepen is een oproep voor brand. (statistiek HC 100 Leuven – 1999-2003)
Bijna de helft van de oproepen is afkomstig van een mobiel nummer (GSM).
65% van de oproepen gebeurt door een particulier, 15% door de politie.
Richtlijnen over hoe je een noodoproep doet vind je in het onderdeel "nuttige info - tips - veiligheid in en rond het huis" op deze portaalsite, of via deze link
|